Poef

Vanmorgen belde mijn bovenbuurvrouw mij op met de vraag waarom ik een poef op mijn schuur heb.
“Ik deed de gordijnen open, keek naar beneden en zag ineens een poef op jouw schuur”.
Waarom, wilde ze weten.
Dat heeft te maken met onze veranderende maatschappij, probeerde ik uit te leggen. Sinds de #metoo beweging het voor elkaar heeft gekregen dat er een consequentie hangt aan het vrouwen betasten in het grijze gebied, is de maatschappij veranderd. Volgens Sanne Wallis de Vries overigens is dat gebied helemaal niet grijs maar knalrood omdat het gaat over machtsmisbruik en volgens haar wordt zelfs het woord ‘invloed’ al geschreven met een rode pen.
Het al dan niet mogen betasten van het voormalige grijze gebied, vertelde ik de bovenbuurvrouw, is ook doorgedrongen tot de dierenwereld. Ook daar is sprake van emancipatie en feminisme. Vandaar die poef, op mijn schuur.
“Even de broodjes uit de oven halen,” zei ze, “ik ben net wakker”.
“Voor mij is het ook nieuw,” zei ik.
Vanuit de dierenwereld ken ik het fenomeen ‘krolse poes’. Dat is een poes die vreemde geluiden maakt, in vreemde standjes zit, loopt en ligt en zich tegelijkertijd gelukkig en ongelukkig lijkt te voelen. De poes vertrekt ronkend en huilend uit het huis en komt na verloop van tijd rustig, opgelucht en zwanger terug.
Dat is niet meer zo. De jongste generatie poezen pakt dat heel anders aan.
Mijn logeerpoes Roosje, twee jaar oud, verliet nogal krols mijn pand om subiet terug te komen. Met haar nieuwe vrienden. Zo was daar de Turkse Angora-kater met zijn woeste haardos, de gezellige grijs-witte kater met zijn vrolijke snoetwerk en de wat klein uitgevallen Tijgerachtige. Daarna sloot ze ook nog vriendschap met een grote zwarte kater en met een Koe-poes waar zij er zelf ook eentje van is.
Voor Roosje geen #metoo.
Ze was verliefd op de Tijgerachtige, de grijs-witte was een goede tweede keus en van de Angora moest ze niets hebben. Hij kreeg de wind van voren, ze gromde naar hem en plaatste haar achterwerk in een dusdanige stand zodat hij geen schijn van kans maakte.
Angora’s zijn bij uitstek sociale poezen en dit katerbeest bleef geduldig aan Roosje vragen of hij nou toch niet misschien één keertje mocht en of Roosje hem dan echt niet een klein beetje aardig vond?
“Ik vind het wel een leuk kereltje,” zei ik tegen de rechtmatige eigenaar van Roosje.
Leuk kereltje?!“riep hij verontwaardigd uit, “een dramzak is het! Roosje heeft al acht keer ‘nee’ gezegd en hij blijft maar achter haar aanlopen!”
Hieruit concludeerde ik dat de #metoo-beweging niet alleen haar vruchten had afgeworpen bij vrouwen en dieren, maar ook bij mannen. Dat is ernstig knap. Het lijkt erop dat ze het beginnen te snappen.
Maar we zijn er nog niet helemaal.
Een vriendin van mij vertelde mij laatst over ‘trouw binnen de ontrouw’. Dat dat een eis is, van bepaalde mannen. Net zo ingewikkeld als de poef op mijn schuur begreep ik gaandeweg dat zij ontrouw was, hij ontrouw was maar dat hij dus wilde dat zij met haar ontrouwe-zelf wel trouw was aan hem.
Zoiets heeft de pluizebol Angora ook dwarsgezeten. Als hij niet mocht, dan mocht de Tijger-achtige waar Roosje verliefd op was, ook niet. En de grijs-witte met zijn olijke gezichtje, ook niet.
Nu hebben mannen over het algemeen wel wat vreemde gedragingen wanneer het om vrouwen gaat maar als het echt menens wordt, dan slaan ze elkaar ‘voor de bek’.
Poezenmannen doen dat anders. Uitgenodigd door Roosje om gezellig bij haar thuis te komen, eventueel een hapje mee te eten, besloten zij mijn poef onder te zeiken. Wie het hardste kan zeiken, heeft gewonnen leken  ze te hebben afgesproken. Die krijgt Roosje.
Maar daar dacht Roosje anders over. De volgende dag verliet zij weer mijn pand, ronkend en roepend om pas ’s avonds terug te komen met een overwinnaarsblik in haar ogen. Ze ging slapen en alle verkeringen waren uit.
Om dit signaal ook duidelijk af te geven aan alle heren-katers, is de poef geschrobd met water en zeep, afwasmiddel, azijn en chloor. Maar dit hielp niets. De mannelijke dominantie bleef ergerlijk aanwezig en lokte nieuwe mannen met territoriumdrang of poezenbehoefte.
“Dus daarom,” vertelde ik de bovenbuurvrouw, “heb ik een poef op mijn schuur”.

Getagd , , , , , , . Bladwijzer de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *