Samenwonen

Binnenkort ga ik weer samenwonen, met een kerel. Dat lijkt misschien wat snel maar dat valt reuze mee. Al is het misschien iets meer zijn beslissing dan de mijne. Ik ken hem al enige tijd en we hebben in die periode een goede band opgebouwd. Of opgebouwd- heel eerlijk gezegd heeft hij me ingepalmd door naar me te knipogen bij het tuinhek. Ik ben daar erg gevoelig voor. Hij ziet er goed uit, slank, is erg lenig voor zijn leeftijd en er zit, zoals men dat zegt ‘een goeie kop op’.
Na de barrière van het tuinhek genomen te hebben, ging hij languit in mijn tuin liggen. Ongedwongen. Nonchalant. Zelfverzekerd over zijn fysiek wat hij bijna schaamteloos ten toon spreidde. Ik ben daar erg gevoelig voor.
Daarna nam hij gezellig plaats op de tuinstoel en als echte veroveraar hou je dat een tijdje vol voor je de volgende stap neemt. Ik had hem immers gewaarschuwd: ‘Geen gemanipuleer, geen gemanoeuvreer; je komt mijn huis niet in’. Basta, zei ik.
Dat respecteerde hij. Dacht ik. In werkelijkheid voerde hij geduldig een gedegen voorbereidde strategie uit met als doel: samenwonen.
Op een avond zat ik gezellig met Mazi op de bank iets op tv te volgen toen ik vanuit mijn ooghoek zag dat de was aan het wasrek bewoog. Mazi zag het ook. Dat was typisch. Er was immers geen sprake van ‘windkracht’ in mijn huis. Hij had zich verstopt, achter de was.
“Infiltrant!”, riep ik, want ik geef me niet zomaar over.
Daar trok hij zich niet veel van aan en nam plaats op de stoel naast de was. Nu konden we hem zien.
Op dit moment hangt hij natuurlijk gewoon op de bank, net als Mazi en ik. Gezellig.
Binnenkort wonen we officieel samen want we willen hem niet meer missen, zeker Mazi niet.
Hij mag alleen niet uit haar bakje eten. Er blijven grenzen, ook voor kerels als Tijger.

Getagd , , , . Bladwijzer de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *