Ah Boe

Toch maar even de deur dicht. Niet dat ik niet wil dat mensen mij horen zingen. Zingen gaat immers niet over die eeuwige zuivere noot maar of je het lef hebt, dat keeltje open te trekken. En dat durf ik wel. De buurt kent mijn voorliefde voor Vaya Con Dios. Of de hardrock-versie van the Sound of Silence (Disturbed).Ik stel ze zelfs bloot aan ‘O Fortuna’ zodat de buurt weet dat de maan je ten aller tijde van je gelukzalige leven kan beroven om je in het verderf te storten. Voor eeuwig. Maar gelukkig spreekt niet iedereen hier Latijn.
Toch maar even de deur dicht.
Het gaat er namelijk niet om, dat ik zing maar wat ik zing. Ik kan het niet uitleggen. De buurt zal denken dat ik niet goed ben geworden. In één of andere crisis ben geraakt. Ik moet er niet aan denken, dat ze langs gaan komen. Om te kijken of het nog wel gaat, met mij.

Het lied gaat over een koe. Het is Nederlandstalig. En toch zing ik het.

Ik wil graag uitleggen waarom en hopelijk op zo’n manier dat mensen zelf de conclusie trekken dat ik nog bij mijn volle verstand ben. Dat is altijd beter dan wanneer je het zelf zegt.
Al langere tijd ben ik verbonden aan Caritas, een organisatie die noodhulp verleend. Ooit vanuit een katholieke gedachte maar tegenwoordig vanuit een soort universele humaniteit. Nu had iemand bij Caritas een vriend, en die vriend is een drummer, een drummer met een band en een broer. Die broer had weer een zoon en een vrouw met wie ik op de Mediumschool heb gezeten maar dat doet er nu niet toe. Die broer, met die zoon en die vrouw, woonden eens bij mij in de straat. Schuin tegenover ons en dat moest omdat wij hun huis hadden gekocht en zij dus elders moesten gaan wonen. Hun voordeel was dat zij vanuit hun huis bij ons op de schoorsteen konden kijken waar de klok van de moeder van de vrouw van de broer hing, die ik bij hen op zolder had gevonden. Omdat de broer van de drummer van de band een enorme Rolling Stones-fan was, gingen wij daar altijd Oud&Nieuw vieren.
Dus toen de vriend van de broer, van Caritas hoorde over het project van de drummer van de band Nodox en ene Gijs over iets met theater, en iets over regisseur en producent, zei hij meteen:
‘Ik ken wel zo iemand. Nelleke’.
‘Maar die ken ik ook,’ riep die broer met die band en die broer met wie hij Oud&Nieuw had gevierd.

En zo belde Gijs Neplenbroek mij de volgende dag op. En zat twee dagen later bij mij op de bank.

Hji vertelde over zijn droom om volgend jaar, wanneer Zutphen tachtig jaar is bevrijd, een dijk van een muzikale theatershow neer te zetten. In de Hanzehof. Met de band Nodox. Met hemzelf als zanger en presentator ook onder de warme lampen en op dat podium.
Leuk idee, vond ik.
Kon hij even iets laten horen?
Dat kon hij. En pakte zijn telefoon.
Een liedje uit die tijd, die oorlogstijd. Toen de mensen nog met hun oren tegen de radio aan gedrukt zaten en zich verlustigen aan een vrolijke maar vooral ook illegale toon.
Wie was dat toch, die zanger die ik herkende als die cabaretier waar mijn ouders zo weg van waren, iets zoals Fons Jansen of zelfs iets Toon Hermans-achtig?
“Wie is dit toch,” vroeg ik Gijs,
“Dat ben ik,” glunderde hij vanachter zijn bril.

Ik viel welgevoegelijk van de bank en wierp mij meteen op als steun en toeverlaat van deze oude ziel, met prachtige ideeën, in een nogal jong jasje.
En startte met het organiseren van Try-outs, audities voor zangeressen, PR-materiaal en als eerste een heuse website genaamd www.gijsneplenbroek.nl.
Maar hoe zit dat nou met die koe, zal je je afvragen. Die koe komt zo.
De voorstelling is pas 6 april, volgend jaar. En op dit moment in de tijd doen wij aan deelrepetities. Waarin wij de liedjes voorzien van alles wat nodig is om hun boodschap over de planken te brengen en Gijs dit charmant en ludiek voorziet van tekst en uitleg. Vanuit die tijd. De bezetting, de bevrijding. Vanuit dat het zo fijn is, dat we nu niet allemaal Duits praten, of in rare uniformpjes rondlopen. We’ll meet again, zingen we. En Bei Mir. Een lied over cowboys en dollars, destijds zwaar illegaal verklaard door de Duitsers want die hielden daar niet van.
En zo kwam het zover dat ik qua de muzikale omlijsting voor die koe kwam te staan. En dit moest gaan inzingen. Natuurlijk werden wij bevrijd door de geallieerden, die uit de lucht kwamen vallen. En niet per koe de grens overstaken. Zo ging dat niet.

Holderdebolder, wij hebben een koe…..op zolder. (Uit de hongerwinter).

Toch maar even de deur dicht.

Wij zien u graag in het theater, op 6 april 2025. Dan gaat u het begrijpen, van die koe. U gaat het volkomen vanzelfsprekend vinden. En sterker nog: u vindt het dan nog leuk ook.

Getagd , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bladwijzer de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *