Afgelopen weekend bevonden mijn Lief en ik ons in een hotel. Een hotel met een aanzienlijk Fawlty Tower-gehalte, een aanrader dus. Het bevindt zich in the middle of no-where en ook dat is een aanrader want zoveel middle of no-where’s zijn er niet meer in Nederland. Behalve het hotel staan er in het dorp nog twee boerderijen, een paardenbak waar je met je paard grote voltes kan rijden en een bushalte. Maar bij de bushalte staat nooit iemand en ook de bus die via the middle of no-where naar Emmen rijdt en weer terug, blijft leeg.
Het hotel is erg bruin van binnen met veel jaren ’70 hout en een overweldigende hoeveelheid kitsch-bloemen. De pompeuze fauteuils die in het restaurant staan zitten lekker maar zien er niet uit. Diezelfde fauteuils staan ook op de kamers en het is duidelijk dat deze per grote partij zijn opgekocht. En er gevraagd is: ‘En als ik er nu 75 neem, hoeveel gaat er dan nog van de prijs af?’.
Het haardvuur, waar het hotel romantisch mee adverteert, ligt verscholen achter een joekel van een tafel met daarop een joekel van een plant. In een joekel van een pot. Het is daarmee, zogezegd, aan het oog onttrokken. Nu zijn mijn Lief en ik niet de meest romantische types. Het komt ons niet aanwaaien. Wij hebben daarvoor inspiratie nodig, steun, hulp want wij kunnen dat niet zelf. Ons verblijf begint dus met het opruimen van de tafel, wij verplaatsen het struikgewas op de tafel naar een nabij gelegen fenomeen wat in de wandelgangen wel een ‘bijzettafeltje’ wordt genoemd en aldus heffen we het glas.
Ik maak mijn Lief opmerkzaam op het heuvellandschap in de vloer van het restaurant waardoor je, als nietsvermoedende hotelganger, ineens plat op je buik kan komen te liggen aan de voeten van het stel wat net hun eten geserveerd krijgt. Nu zit hij de hele tijd op zijn telefoon te kijken dus dat zal het probleem niet zijn. Maar zij kijkt rond met een wat zure blik en behalve de telefoon zit ze duidelijk niet op enige andere vorm van concurrentie te wachten.
Het hotel maakt gebruik van verschillende serviezen door elkaar heen maar dat mag de pret niet drukken want ze doen niet moeilijk over een voorgerecht als hoofdgerecht en dan met frietjes en de groente van een ander gerecht en dan met mayo.
“En graag een kaarsje aan,” zegt mijn Lief die blijkbaar hoe dan ook iets met romantiek van plan is, “en ook graag een tafel met stoelen”.
Dat is dan weer de praktische inslag van mijn Lief aangezien er wel een tafel staat met servetjes erop maar zonder stoelen.
“Ja, ja”, zegt de serveerster die wij Olga noemen omdat haar Russisch vele malen beter is dan haar Nederlands. Hoe belanden Olga’s in het Land van Bartje, vraag ik mij af.
Het is inmiddels ontzettend druk geworden in het hotel aan de weg met de paardenbak, de bushalte en de twee boerderijen. We worden overspoeld door 75-plussers, gekleed in zwart-wit, en de rollators en wandelstokken zijn niet van de lucht. Angstvallig houden mijn Lief en ik de Zeven Heuvelen in de vloer in de gaten in afwachting van wie er overleefd en wie ter aarde zal storten. Dat gaat even ten koste van de romantiek tussen ons maar wij houden de moed er wel in omdat er straks een band komt, in het hotel. Een echte Drentse band die hier hun try-out houden. De Drentse band heeft een gemoedelijkheid over zich die je zelden ziet. Geen dwangmatig aftellen maar elke muzikant begint gewoon aan het liedje wanneer hij daar zin in heeft. Zo horen wij bijzondere uitvoeringen van Roy Orbison en The Shadows. Soms speelt de drummer ook nog even een ander liedje door de song heen waardoor de band de aandacht van het publiek echt vast weet te houden. Ik dans met de moeder-van-de-zanger-van-de-band; zij danst de Charleston uit de roaring twenties (zo oud is ze ook) en ik dans uit mijn tijd (moderne hardrock). Het klikt prima tussen ons.
Mijn Lief heeft een dood musje van de barkruk getrokken en brengt haar tot leven op de dansvloer. Onze ogen ontmoeten elkaar en ik voel hoe mijn lachrimpeltjes hun vertrouwde plekje innemen. En zie hoe de zijne hetzelfde doen.
Wanneer we eindelijk in bed liggen wijst mijn Lief me op de enorme kloof tussen ons. Met de dekens erop zie je het inderdaad niet maar tussen ons in bevindt zich een enorm gat met daaronder de vloerbedekking. Wanneer wij een romantisch stel waren geweest, en zonder gedegen inspectie lepeltje-lepeltje waren gaan liggen, had de zwaarste lepel (in dit geval mijn Lief) nu gekneusd op het bruine Drentse tapijt gelegen. Ook het experiment vorkje-lepeltje op één matras mislukt omdat het matras dermate zacht is dat ik mijn Lief langzaam van het bed af zie glijden. In overleg zien wij van de romantiek af omdat het te gevaarlijk is. We houden de moed er weer in door te zeggen dat we lekker laat kunnen ontbijten, namelijk van negen tot elf. Dat is omdat het hotel vindt dat mensen in de winter niet vroeg opstaan.
Om 11:01 worden we wakker maar dat is geen enkel probleem. Ons ontbijt wordt gewoon geserveerd op de kamer en wij ontbijten van 11:01 tot 12:00, met een krantje.
Wanneer we uitchecken vraagt het hotel ons om €5,95 af te rekenen voor het verblijf, de maaltijden en de drankjes.
“Nou nee,” zegt mijn Lief en spreekt zijn vermoeden uit over een mogelijke vergissing van het hotel.
Ik zie dat de joekel van een plant in de joekel van een pot weer op de joekel van een tafel staat waardoor het haardvuur weer een zoekplaatje is geworden. Ik zie een hond met een bal in zijn bek door de paardenbak rennen en de lege bus naar Emmen komt voorbij.
“Hè jammer dat we alweer naar huis gaan,” zeg ik tegen mijn Lief.
“Ja, heerlijk,” zegt hij, “die rust en ruimte hier”.
We dralen nog even bij de auto met onze warme jassen aan, en de zon op ons gezicht.
“Wat denk je van een weekje weg, naar Cuba, of Cypres, of iets met palmbomen?” vraagt hij dan.
O, dat lijkt me zó romantisch.
-

Abonneren op Nelleke.nu
Voeg je bij 232 andere abonneesRecente reacties
- Nelleke Riemeijer op Burn-out: knutseltherapie
- Annet op Ziva Riemeijer
- Nienke op Ziva Riemeijer
- Henny op Ziva Riemeijer
- Nelleke op Burn-out: knutseltherapie
Categorieën





5,95? Dat is wel héél goedkoop!! Maar ja het was natuurlijk goedkoop omdat er geen romantiek was -,)
Jewel! Er was een haardvuur!
Hahahaha ik zie het allemaal zo voor me!! Zeker omdat wij ooit eens een hotelletje aan zee hadden geboekt. Harry Potter leefde in de bezemkast onder de trap, wij werden toen, na vele omwegen en trappetjes, naar onze bezemkast op zolder gebracht…Als één van ons onder de douche stond had de ander een gratis voetbad omdat het water onder de deur doorstroomde. Het toilet en doucheruimte waren één en dan ook echt één ruimte. Het water vanuit de douchekop drupte nog na op je knieën…
En toch heeft het z’n charme….je vergeet het nooit meer!