Boodschappen doen

Vanuit mijn ooghoek zag ik haar ineens, bij de zuivel. Haar tengere gestalte in de iets te grote, groene jas, de ‘gezonde’ schoenen die nooit charmant zijn maar waar je zo goed op kan lopen. Haar kleine krulletjes waarvan ik wist dat ze zijdezacht waren. Mijn moeder. Ze had een rollator die ze met haar linkerhand vasthield terwijl ze in haar rechter een product had waarvan ze blijkbaar het etiket las.

Ik wilde naar haar toelopen en wat verbouwereerd uitbrengen: “Màm?”.
Ze zou me aankijken en iets zeggen in de trant van: ‘goh dat ik jou nou hier moet tegenkomen’.
“Mam,” zou ik nogmaals zeggen maar nu rustiger, “wij verkeren al twee jaar in de veronderstelling dat je overleden bent. We hebben je in de kist gelegd, we hebben een crematie gehad….”.
Mijn moeder zou ongeduldig mijn woorden wegwuiven en haar blik afwenden. Zonder mij aan te kijken zou ze toegeven dat het een truck was.
“Een truck?”
Ja, een truck die ze had uitgevoerd samen met de Thuiszorg. Heel simpel maar waarover ze verder niet wilde uitweiden. Ineens begreep ik waarom die dag alles zo snel moest gaan. Mijn moeder had zelfs op papier gezet dat er bij haar overlijden meteen een kist moest komen, waar ze meteen in wilde en die ook meteen weggebracht moest worden. En dicht moest blijven.
“Dus je lag er helemaal niet in”, zou ik concluderen.
“Ik wilde alleen zijn,” zou ze uitleggen, “gewoon echt alleen. Mijn hele leven heb ik tussen de kinderen gezeten, die van de tweede vrouw van mijn vader en later jullie. En er was altijd wat. Ik had er genoeg van. Ik wilde alleen zijn, alleen bij mijzelf”.
“Maar waar woon je nu dan,” zou ik vragen. In een onuitsprekelijk Fries dorpje, waar nog meer vrouwen van haar leeftijd woonden en een jonge, frisse Friese meid haar hielp om haar appartementje schoon te houden. Het ging goed met haar.
“En Nelleke,” zou ze zeggen op haar Kinderen Luisteren naar Hun Moeder-toon waarvan ik mijn hele leven nog nooit van onder de indruk was geraakt; “ik hoop dat je mijn keuze kunt respecteren. En niet je zussen gaat vertellen dat je mij bent tegengekomen, hier in de supermarkt”.

Met in mij een even groot gevoel van aantrekking en afstoting zou ik haar beloven dit niet te doen.
“Ik wist het,” zou ze zeggen, “ik wist het”.
“Wat wist je, mam?”
“Dat ik kon vertrouwen op jouw respect”.

Voorzichtig liep ik naar haar toe, haar tengere rug, die krulletjes die ik maar een paar keer heb mogen aanraken. Om vlakbij een glimp van haar gezicht op te vangen.

Ze was het niet.

 

 

 

 

 

 

Getagd , , , , , . Bladwijzer de permalink.

Één reactie op Boodschappen doen

  1. Lienek zeggen:

    stil van

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *