Moeder zonder korstjes

“U kunt vast niet fluiten,” zei de ober terwijl hij het bord van mijn ex-tosti Hawaii van tafel nam.
Niet fluiten? Maar voordat ik kon aantonen dat ik juist heel goed kan fluiten, sommigen vinden zelfs dat ik kan fluiten ‘als een kerel‘, ging hij verder.
“Dat zei m’n moeder altijd. Als je je korstjes niet opeet, kan je vast niet fluiten”.
We keken naar het bord waar de tosti op had gelegen en inderdaad. Behalve een blaadje sla en wat restjes ketchup lagen daar de korstjes.
“Tja,” reageerde ik, “dat is al mijn leven lang een soort mysterie. Geen idee waarom ik nooit de korstjes opeet”.
De ober stak zijn vinger in de lucht en schudde hem heen en weer.
“De vraag is niet: waarom eet ik de korstjes niet op? De vraag is: waarom zit er een korstje aan mijn brood“.
Meteen schoot het beeld van mijn nichtje voor mijn geestesoog- toen ze klein was. En ze van mijn zus haar korstjes op moest eten. En ik, als voorbeeld-tante, dus ook. Het was een vreselijke periode in mijn leven en ik heb me niet één keer afgevraagd:
Waarom zit er een korstje aan mijn brood?
Ik baalde ervan dat ik het op moest eten.
Net de mythe, dacht ik.
Nu is dat verre van toeval nu ik middenin de productie zit van en het toneelstuk SHE of de Mythe van de Moederliefde en het boek wat een kind is geworden van deze productie Moeder als mens- de mythe voorbij. Ik denk eigenlijk om de anderhalve seconde aan de mythe. Ook als het niet hoeft.
Maar nu was er geen keus meer en donderde ik helemaal middenin de mythe, helemaal tot aan haar essentie.
Mijn moeder leerde mij dat als je je korstjes niet opeet, je vast niet kan fluiten.
Nu klopt het voor geen meter dat je dan niet zou kunnen fluiten maar dat is wel wat de ober in mij zag. Iemand met een fluitgebrek. Wanneer ik toch zou fluiten, en al helemaal als een kerel, zou ik hem in volkomen verwarring achterlaten.
Want dan klopt het beeld wat hij mee heeft gekregen niet meer met de werkelijkheid.
En dat is nou precies waar She of de mythe van de moederliefde over gaat. En het boek, omdat je nou eenmaal in een toneelstuk niet alle kanten kan belichten van het beeld en de werkelijkheid als het gaat over moederliefde, moederschap.

“De vraag is niet: waarom eet ik de korstjes niet op. De vraag is: waarom zit er een korstje aan mijn brood?”.

De vraag is niet: voldoe ik aan een verwachting. En doe ik het dus goed. De vraag is: hoezo kleeft er een verwachting aan mij? Als mens, als moeder, als vrouw, als Jantien, als Caroline of Bernadette. Of Henk, voor hem geldt het ook.
Het is immers de bakker die een korstje aan het brood heeft gebakken. Daar zijn wij met ons allen niet verantwoordelijk voor.
Misschien had ik ook een toneelstuk kunnen maken over een bakkerij, met schermutselingen erin over korstjes. Maar nu is het de mythe geworden. In het stuk komen drie zussen samen in een precaire situatie. Hun moeder is net overleden, net drie weken. Verwacht niet dat het voldoet aan wat je je zoal voorstelt in zo’n situatie. Denk ook niet dat we de zussen maar laten begaan, zonder tegenspraak of weerwoord.
We brengen humor. We brengen moederliefde, moederschap. Zonder korstjes.

We fluiten.

 

 

 

 

Getagd , , , , , . Bladwijzer de permalink.

Één reactie op Moeder zonder korstjes

  1. Lienepien zeggen:

    HOE KOMT HET TOCH DAT IK GEK BEN OP KORSTJES !?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *